Taal in Luxemburg

Luxemburgs

Gestapo-Denkmal met Frans en Luxemburgs, maar nu ‘ns zonder Duits…

Onlangs was ik in Luxemburg, ik schreef er al over op deze site. ’n Mooie stad met meerdere gezichten en ook meerdere tongen, want Luxemburg is meertalig. Dat is een troef, natuurlijk, economisch en misschien zelfs intellectueel, want meertaligheid maakt slim – maar wat mij betreft is het vooral ook een charme. Meertaligheid is in Europa geen zeldzaamheid, er zijn wel meer steden en streken waar talen naast elkaar bestaan (Friesland in eigen land, Brussel bij de buren), maar hoe de tweetaligheid wordt uitgewerkt verschilt nogal en de Luxemburgse oplossing is vrij uniek.

Meertalige gebieden zijn in de praktijk vaak teleurstellend eentalig: voor wie er niet te veel naar zoekt is Brussel toch vooral Franstalig en Friesland ook vooral Nederlandstalig. Er is een eerste taal en een tweede taal, gelijkwaardigheid is er maar zelden. In West-Europa wint vaak het Frans, in het oosten dikwijls het Russisch (zelfs zonder militaire steun): talen van handel en politiek, waar de lokale taal maar met moeite tegen op kan boksen.

In Luxemburg staat het Frans ook bijzonder sterk. De argeloze toerist zou zelfs kunnen geloven dat ook Luxemburg zo’n saaie door Frans gedomineerde stad is. In restaurants word je haast altijd in het Frans bediend. Straatnamen zijn in het Frans. Bushaltes hebben Franse namen. Op gebouwen staan Franse teksten, zeker als het overheidsgebouwen betreft. Je zou haast denken: het Frans domineert hier nog meer dan in Brussel zelfs.

Wie langer blijft, of zich gewoon door de plaatselijke bevolking laat informeren, leert al gauw dat het anders zit. Ja, het Frans mag op bepaalde terreinen in z’n eentje de baas spelen, dat wel. De posterijen zijn Frans, dus de straatnamen ook. De wetgeving is in het Frans, dus de politiek meestal ook. Maar daarbuiten staat het Frans zeker niet alleen, twee geduchte tegenstanders ondermijnen de positie van la langue.

De eerste tegenstrever is het Duits, de andere officiële taal van Luxemburg, en natuurlijk ook de meestgesproken taal van de Europese Unie, een schrijftaal met een indrukwekkende traditie en een standaard die in heel wat Europese landen aan schoolkindertjes wordt onderwezen. Ook in Luxemburg dus: Luxemburgers schrijven Duits. Kranten zijn in het Duits. Talloze opschriften langs de weg ook. In het Frans worden travaux aangekondigd, in het Duits worden daar dan weer excuses voor gemaakt.

De tweede tegenstrever is de Luxemburgse spreektaal. Niet de taal met de beste papieren – weinig sprekers wereldwijd, nauwelijks standaardisatie, weinig wettelijke bescherming – maar één troef waar geen van de andere twee aan tippen kan: het is de taal van de Luxemburgers zelf, de taal zie met hun familie spreken, met hun vrienden, aan de bar met een biertje en natuurlijk ook op de jaarlijkse kermis, de Schueberfouer. Het is ook de taal van de gesproken media en steeds vaker ook de taal van omroepberichten, bijvoorbeeld in de bus.

De verdeling tussen Duits en Luxemburgs lijkt op die van Hoogduits en Zwitserduits in Zwitserland: de eerste taal is de schrijftaal en ook de taal voor op school en tegen toeristen, de tweede is de spreektaal en vooral heel eigen en binnenlands. Een klassieke verdeling, maar omdat het Frans daar nog bij komt, en taken waarneemt die anders voor het Duits zouden zijn gereserveerd, is er een verrassend evenwicht ontstaan. Soepel meertalig is Luxemburg, in drieën.

Eén reactie

Laat een reactie achter
  • In vieren zelfs, want hoewel Portugees geen officiële status heeft, is het na het Luxemburgs de grootste in Luxemburgse huishoudens gesproken taal. Frans zakt zelfs nog verder weg, want de meeste Franstaligen die weliswaar in Luxemburg werken, wonen in Frankrijk of België.

    Het Luxemburgs is trouwens aan een opmars bezig. Google maps meldt plaatsnamen in de eerste plaats al in het Luxemburgs (hoewel dat misschien van de locatie van je computer kan afhangen), steeds meer straatnamen worden ‘ondertiteld’ (en blijken dan vaak geen vertaling te zijn; de “Place Guillaume II” heet “Knuedler” in het Luxemburgs; de “Place de Martyrs” “Rousegäertchen”; de “Rue de Prague” “Berlinerwee” etc.) en verder zijn media als Facebook goed voor het Luxemburgs als schrijftaal: er wordt meer in het Luxemburgs geschreven – hoewel dat qua spelling vaak kant noch wal raakt, want veel Luxemburgers weten niet eens dat er een officiële spelling bestaat…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Deze html-tags en attributen worden ondersteund:

Wat hier staat, is van Marcel Plaatsman - van mij dus. Ik heb het geschreven, anders stond 't hier niet.