Het grote boek over de Grote Kerk
De Grote Kerk, dat is natuurlijk in iedere stad een andere en altijd zullen stedelingen hún Grote Kerk wel de bijzonderste vinden… Het grote boek over de Grote Kerk dat ik nu in handen houd, gaat over de Grote Kerk van Alkmaar. En inderdaad, bladerend door dit machtige boek kan ik moeilijk tot een andere conclusie komen dat ónze Grote Kerk toch wel de bijzonderste is. Of toch op z’n minst één van de gaafste, stoerste en boeiendste kerken van onze streken.
Nauwgezet bouwverslag
Op dinsdag 16 oktober werd De Grote Kerk van Alkmaar – 500 jaar bouwen en behouden officieel gepresenteerd. Als lid van de plaatselijke historische vereniging kon ik een gratis exemplaar ophalen en dat heb ik natuurlijk niet nagelaten. Dit gebouw interesseert me, niet alleen omdat het zo aanwezig is in onze stad, maar juist ook door z’n bouwgeschiedenis. Dat er een Mechelse bouwmeester bij betrokken was vind ik een aardig gegeven, omdat mijn eega ook Mechelse is en mijn zoon dus voor de helft Mechelaar. Maar er is nog veel meer aardig aan de bouwgeschiedenis.
Niet eerder had ik een boek in handen dat zo nauwgezet en tegelijk zo breed, met allerlei verbanden en zijpaden, de bouw van een monument in beeld brengt. Van alle bouwfases zijn prachtige visualisaties gemaakt. Steeds worden vergelijkingen gemaakt met andere gebouwen in de buurt, of met ander werk van de betrokken bouwmeesters. Dit boek leest daardoor ook als een grote reis door de vaderlandse kerkarchitectuur, met Alkmaar als begin- en eindpunt.
De mysterieuze toren van Alkmaar
Een intrigerend verhaal blijft wel dat van de Alkmaarse kerktoren. Die is er namelijk niet: hoe groots de architectuur van onze Grote Kerk verder ook wezen mag, de klokken hangen in een bescheiden vieringtorentje. Waar de échte toren had moeten verrijzen kun je nu uit de bus stappen. In de grond zijn hier funderingen gevonden en die zijn niet mis. Hier was blijkbaar iets groots gepland, groter nog dan de toren die staat ingetekend op een schilderij dat de voltooide kerk verbeeldt.

De Bosatlas spreekt tot de verbeelding, niet alleen tot die van mij. Ik ben de enige niet die zelf fantaseerde over de indeling van die Markerwaard, die zo lang nog aangekondigd stond, en ik ben vrees ik ook de enige niet die in z’n eerste atlas zelf spoorlijnen trok (en niet eens met potlood…). Gefascineerd was ik in elk geval wel! De laatste jaren brengt de uitgever van de Bosatlas ook nieuwe thematische atlassen uit, die voor de liefhebbers van lokale geschiedenis en cartografie minstens zo prikkelend zijn. Morgen (18 oktober) verschijnt de Bosatlas van de Wadden.
Maar deze atlas laat natuurlijk veel meer zien dan m’n beminde Texel. Lezers van Ameland of Terschelling zullen er wel net zo in beginnen als ik: eerst hun eigen stukje Wad verkennen, maar dan dóór. Want de hele Waddenzee wordt in dit boek in beeld gebracht, ook het voor veel Nederlanders nog onbekende Duitse en Deense deel, ook de vaste wal. De haven van Den Helder, bijvoorbeeld, of de verschillen in bevolkingsdichtheid op de Duitse eilanden. De Bosatlas van de Wadden verkent zo perspectieven die we nog niet vaak zagen.
Voor de dialectliefhebber is oktober al een prima maand, want dialect kwam twee keer vrij uitgebreid in het nieuws. Eerst ging het over verheugend
Alkmaar is het hele jaar erg genoeglijk, maar het mooist is onze stad wel in de herfst. Dan kleuren de bomen zo heerlijk mee. Vooral in het stadspark, de Alkmaarder Hout, kun je tinten tellen. De doorkijkjes hebben zo nog veel meer diepte dan anders in ‘t jaar. Maar in het park is ook het ziekenhuis, ooit MCA, nu een filiaal van Noordwest-Ziekenhuisgroep. Dat gebouw, dat zich steeds opdringt tussen al het kleurige geboomte, is een reden om uit dit prachtige Alkmaar weg te willen.
Toen we, nu alweer ruim anderhalve week geleden, na een treinreis van een ochtend aankwamen in Hannover, zochten we direct een plek om stevig te lunchen, en uiteraard wilden we bij die lunch Hannovers bier. Je bent in Duitsland of je bent het niet. Die combinatie vonden we bij brouwerij Ernst August, gevestigd in een bouwwerk dat voor een groot deel parkeergarage is maar toch aardig in het Hannoverse stadsbeeld is ingepast. Het bier dat we daar proefden beviel ons direct. Ik vond het zelfs zo bijzonder dat ik het enkele dagen later meetorste in de trein terug, om het voor te zetten aan de bierproefclub van Alkmaar.
Met interesse gelezen. Vriendelijke groet,