Categorie Boeken

1
De Woongroep voor iemand anders
2
Altijd Schokker blijven – of worden
3
In het museum
4
“Tessels. Taal over zee” in druk
5
Na het boek
6
De rode maan
7
De kroon op de kerk
8
De spiegeling van een eiland
9
Niet meer naar Friesland
10
Een eigen gids voor Alkmaar

De Woongroep voor iemand anders

Ook in onze flat staat nu een buurtboekenkastje. Daar mag trouwens ook nog houdbaar eten in, dus je vindt er tussen de oude schoolboeken en stapels drukwerk in vreemde talen ook pakken rijst en van die saus in poederpakjes, die alleen Nederlanders lijken te eten en ik niet eens. Soms verschijnt er ook iets in de kast dat niet houdbaar was, daar hebben de buren die met de kast begonnen zijn dan weer werk aan, en gemopper.

Op de boekenplanken, dat zijn de bovenste planken om de een of andere redenen, kijk ik toch wel wekelijks. Dan zie ik telkens weer de boeken terug die ik er zélf heb ingezet, mijn onderpand, waar dus maar weinig publiek voor is. De boeken die andere dan weer achterlaten, daar ben ík niet erg het publiek voor. Zo gaat het met veel van die kastjes. Maar ik wil soms best wat lezen waar ik het publiek niet voor ben.

Met dat in gedachten haalde ik er een paar weken terug De woongroep uit, door Franca Treur. Haar naam verbond ik met een ander boek, over opgroeien in een gereformeerd dorp op een eiland. Dat heb ik nog altijd niet gelezen, terwijl ik toch graag over eilanden lees. Maar zo’n woongroep kan natuurlijk ook best als eiland dienen, het onderwerp interesseerde me wel, en het leek me mooi meegenomen om zo eens kennis te maken met Treur, die toch een bekende schrijver is.

De schaduw van de recensenten

Wat ik vooraf over De woongroep las had me wel op andere gedachten kunnen brengen, want er is toch veel onaardigs geschreven over deze roman. Het viel de recensenten niet mee dat het boek zo anders was dan dat boek over het gereformeerde dorp. Dat boek, Een dorsvloer vol confetti, hadden ze ’n paar jaar eerder nog geprezen, al vonden de gereformeerden die erop reageerden dat het wat al te eenzijdig en te lichtvoetig was, maar ja, zij waren het ook die in dit boek op de korrel waren genomen, dat was wel duidelijk.

Verderlezen…

Altijd Schokker blijven – of worden

Schokland is geen eiland meer, toch zal het dat altijd blijven: een eiland, een herinnering, een legende zelfs. Een plek voor verhalen en verbeelding. Het eiland kan gebruikt worden voor gelaagde fictie, liet Haro Kraak zien in zijn roman ‘Het water bewaart ons’, en hij is zeker de enige niet die zich door het smalle strookje ander land in de Noordoostpolder liet inspireren. Maar het échte Schokker verhaal moeten we zoeken in ‘Het eiland van Anna’ door Eva Vriend.

‘Het eiland van Anna’

Dat eiland van Anna is Schokland dus, en eigenlijk juist niet, want deze Anna Diender (1910-1988) werd geboren toen Schokland al lang niet meer bewoond werd. Wél was het nog een eiland, dat wel; de Noordoostpolder moest nog droogvallen. Maar Anna was geen Urkse of Wieringse die dat vanuit haar keukenraampje zag gebeuren, ze was een vastelander, een vrouw uit Brunnepe bij Kampen. Daar groeide ze op tussen andere vastelanders die tegelijk eilanders waren, in hun hoofd en ook in de hoofden van anderen: Schokkers. Mensen van Schokland.

Deze merkwaardige situatie was ontstaan in 1859. Toen was Schokland ontruimd, of ‘opgeruimd’ zoals toen wel gezegd werd. “Opruiming. Het verschilt twee letters met ontruiming, maar het klinkt veel harder”, merkt Vriend daarover op.

Verderlezen…

In het museum

Nu ik weer een museumkaart heb, en twee kinderen ook, zie ik zo nu en dan een museum van binnen. Het zal een jaar of tien geleden zijn geweest dat ik voor het laatst een museumkaart had. Ik werkte wel nog een tijdje in een biermuseum, maat dat was een ouderwets museum, met informatie en een chronologie en van die dingen. Wat ik tegenwoordig in musea zie is toch wel wat anders.

Verderlezen (in het Fries)…

“Tessels. Taal over zee” in druk

Het is gedrukt!

Heel mijn dikke dialectboek. Ik kan het nu in m’n handen houden en dat is toch wel heel bijzonder. Er zit toch vijf jaar werk in, natuurlijk… En nu is het een pak papier, met een mooie kaft erom, en een leeslint erin. Een beetje luxe mag best.

Je kunt het boek online bestellen in mijn boekwinkel: “Tessels. Taal over zee” (druk: €50,-; e-boek: €10,50).

Na het boek

Nu dat mijn boek af is, wacht ik. Zo’n boek is eigenlijk nooit klaar hoor. Maar ik kan er nu niets meer aan veranderen, dat heeft de drukker gezegd, dus het is wel definitief. Ik kan niets meer doen. Ik wacht,

Nou weet ik ook al niet zo goed maar wat ik zou móeten doen. Het is een soort lockdown, een boek af hebben.

Verderlezen (in het Fries)…

De rode maan

De maand zou groot en rood moeten zijn, maar ik zag daar niks van. Op andere dagen was de maan rond half tien goed te zien, boven het dak en net voorbij die ene boom die tegen de wind in was gegroeid. Maar nu niet. Het was licht genoeg om het opschrift op het bord nog te lezen, “Vanavond Supermaan – 21:40 op z’n mooist”, en 21:40 wás het, daar kon het niet aan liggen. Ik moest maar op de dijk nagaan of de maan wel te zien was.

Verderlezen (in het Fries)…

De kroon op de kerk

Nu zie ik de kerk terug. Dat kan hier alleen in de winter, als de bomen zonder blad zijn en het torentje door de takken heen komt. Een echte toren heeft onze kerk niet, alleen maar er is een klein ding op gezet waar de klokken in luiden, dat staat in het midden van het grote schip, het schip met rondom ramen en het leien dak. Daar kijk ik naar.

Verderlezen (in het Fries)…

De spiegeling van een eiland

Gaat een eilander op vakantie? Die vraag krijgen Texelaars wel eens van de toeristen die er komen. Het antwoord verschilt natuurlijk van persoon tot persoon. Mijn vader kan in zo’n geval in ieder geval vertellen dat hij in zijn Texelse jeugd één keer op vakantie is geweest. Dat was een tochtje naar Urk, waar mijn opa netten moest hebben, of iets anders dat met z’n werk te maken had – het is maar wat je vakantievieren noemt.

Gaan Urkers op vakantie? Jawel, weet ik nu. Sommigen gaan zelfs heel ver weg, naar Spanje of naar Los Angeles. Maar er zijn er ook die op de camping van Urk gaan staan, samen met andere Urkers, omdat je daar elkaar tenminste kent. Het is één van de vele vrolijke feitjes die ik haal uit De ontdekking van Urk, door de Vlaamse journalist Matthias M.R. Declercq. Een half jaar woonde hij op het eiland om het te leren begrijpen en zijn boek is daar de weerslag van.

Eiland op, eiland af

Een boek over een eiland, zelfs al is dat eiland niet echt een eiland meer, dat fascineert mij natuurlijk. Ik begon aan De ontdekking van Urk ook zeker met de hoop er iets van Texel in te herkennen, het eiland van mijn familie; ook iets van Wieringen misschien, dat inmiddels óók een eiland van familie geworden is en net zo „eiland af” als Urk. Maar daarnaast was er bij mij toch vooral dezelfde fascinatie die ook Declercq gegrepen heeft: Urk als iets onbekends en ongenaakbaars, een verre wereld. Exotisme.

Dat exotisme houdt de Urker graag in stand: Verderlezen…

Niet meer naar Friesland

Schrijf die column nou, zegt de grote dichter Knilles in een kort mailtje. Jawel, die column, die moest ook nog. Daar ben ik anders ook wel eens laat mee, de redactie van Ensafh zal er wel niets achter zoeken als ik er even mee wacht. Maar nu is het wel erger. Ik kom er nauwelijks toe, in het Fries te schrijven. Ik ben al zo lang niet meer in Friesland geweest!

Verderlezen (in het Fries)…

Een eigen gids voor Alkmaar

In 2016 schreef ik een persoonlijke reisgids over Texel, het eiland van mijn familie, die ik Een eigen gids voor Texel noemde. Die gids heb ik als pdf-bestand op mijn website geplaatst, gratis, voor de liefhebber. Er kwamen vriendelijke reacties op en nadien ben ik over Texel blijven schrijven, in 2018 schreef ik het Tessels Taalboekje en in 2019 Beurd en deen, een geschiedenis van Texel op sien Tessels. Maar hoe vaak ik in die tijd ook op Texel was, de meeste tijd bracht ik in Alkmaar door, mijn woonplaats.

In 2020 veranderde er plotseling veel in de wereld. Door de coronacrisis zat reizen er voorlopig niet meer in, de trein was alleen nog voor essentiële verplaatsingen bedoeld en op Texel viel het toerisme even helemaal weg. Voor mij als tekstschrijver betekende dat: veel minder werk, tegelijk veel meer tijd om te gaan wandelen en fietsen. Zo herwaardeerde ik Alkmaar, een oude liefde. Ik was mijn stad te gewoon gaan vinden in de jaren die ik er woonde, alsof schoonheid slijt. Als het er naar lente rook zei ik: „het ruikt net als op Texel.” Waarom zei ik op Texel dan nooit dat het er net als in Alkmaar rook?

Verderlezen…

Wat hier staat, is van Marcel Plaatsman - van mij dus. Ik heb het geschreven, anders stond 't hier niet.