Categorie Bier

1
Biergondisch Alkmaar
2
De verengelsing van ’t bierdorp
3
Litouws bier in Brussel
4
’n Fijn klein festival in Oudorp
5
Kiezen voor Duits bier
6
Bierrecensie: Rampzalig (Vlielands bier)
7
Proeverij: Scandinavische bieren in Alkmaar
8
Bier in Alkmaar: Leffe op ’n foodtruckfestival
9
Bier in de supermarkt
10
De Kleine Deugniet heropend

Biergondisch Alkmaar

Ome RemNederlanders houden Belgen voor bourgondisch. Dat krijg ik altijd weer te horen als ik vertel dat ik in België heb gestudeerd en anders hoort m’n vrouw het wel, want die is er geboren en getogen. Meestal hebben die Nederlanders dan wel een beeld van bourgondisch in hun hoofd dat niet helemaal klopt met de Belgische definitie. Ze denken dan aan heel veel krullen en liflafjes en ander hoogculinair gedoe, terwijl bourgondisch in de eerste plaats staat voor lekker eten en drinken waar je zin in hebt. Een stevig bord stoemp en een goeie pot bier, dat is ook bourgondisch. Wat dat betreft zou het voor Nederlanders helemaal zo exotisch niet hoeven zijn.

Bourgondisch genieten in Alkmaar

Dat je heel bourgondisch kunt leven in Alkmaar bewijzen mijn Belgische eega en ik als geld en weer het ’n beetje toelaten het liefst elke dag. Ook zoonlief doet al een aardige duit in het zakje, al geloof ik dat er in zijn definitie van bourgondisch iets meer plek is ingeruimd voor “je lijf en het meubilair ondersmeren”, maar goed, bij bourgondisch gaat het dus in de eerste plaats om waar je zélf zin in hebt, dus hij heeft ’t heus begrepen. In Alkmaar kun je heerlijk eten en drinken en het kan in een gemoedelijke sfeer, dat laatste vind ik zelf ook wel van belang.

Op mijn website heb ik al vaker een lans gebroken voor de fijnere bourgondische gelegenheden in onze stad. De Binnenkomer noem ik graag nog maar eens even. Daar kun je ook gewoon warm lunchen, wat in Nederland nog steeds te zeldzaam is. De keuken is er ook tot laat nog open, waarvoor alle lof. Want bourgondisch is ook: eten wannéér je dat wilt. Ik teken meteen wel aan dat er wat dat betreft echt nog wel veel te winnen is. Toen ik onlangs in Brussel was en nog met ’n laat hongertje kampte, kon ik gewoon bij een buurtrestaurantje terecht voor een stevig bord eten om middernacht en een glas Orval. Fantastisch. Maar het begin is er tenminste.

Een belangrijk begin is ook gemaakt door “ome Rem” van De Kleine Deugniet, die in het kleine zaakje aan de Koorstraat ’n heel mooi bourgondisch proeflokaaltje heeft kunnen doen ontluiken; inmiddels is dit café groot geworden en zit het op de Gedempte Nieuwesloot. Er komt zelfs een festival uit voort. Daarover zo meer. Nu eerst mijn wanklank. Verderlezen…

De verengelsing van ’t bierdorp

bier Luxemburg

Nieuw bier in Lëtzebuerg. In het Engels.

Bierdorp Nederland is al haast ’n stad geworden, zoveel brouwerijen zijn er, zoveel biercafés. Bijzonder bier is bijna niet bijzonder meer, zo weinig moeite moet je doen om het te vinden. Zeker in de grote steden is het er nu overal. Het is wat dat betreft net als het Engels, dat is ook overal, en net als Engels is bier desondanks wel iets gebleven waar bepaalde mensen mee willen koketteren. Er lijkt zelfs een vermoed verband, want wat meer en meer op begint te vallen, is de verengelsing van het bierdorp.

De ontloken Nederlandse biercultuur

In de voorbije jaren heb ik er op dit blog graag een punt van gemaakt dat ook Nederland een biercultuur heeft. De buurlanden hebben zich altijd in grote belangstelling mogen verheugen, maar bierland Nederland werd onderschat, niet in de laatste plaats door de Nederlanders zelf. Die vonden Belgisch bier beter (en dat vinden de Belgen nog steeds). Een jaar of wat geleden greep ik ieder nieuw recept en elk nieuw festival nog aan om de Nederlandse biercultuur te zien ontluiken. Oude stijlen werd hier nieuw leven in geblazen en uit vreemde invloeden werden verse bieren geboren – van kuit tot grodziskie. De oriëntatie was breed, de resultaten echt Nederlands bier. Wat een smaken, wat een eigenheid – en wat was het gezellig, wat waren we nog onaangedaan door commercie.

Meedoen met de wereld

Bij bierreizen door Europa begon me onderwijl op te vallen dat de oriëntatie, met het toenemend succes van bijzonder bier, weer versmalde. Verderlezen…

Litouws bier in Brussel

In 2012 was ik in Vilnius, Litouwen, en maakte ik er kennis met de Litouwse biercultuur. Dat die biercultuur in ons deel van Europa nog steeds zo onbekend is, heeft me sindsdien verbaasd. Gose is inmiddels hip geworden en zelfs het Poolse rookbier is weer tot leven gewekt, maar over Litouwen hoor je nog altijd niks. Tot dit jaar dan, want er lijkt eindelijk aandacht voor Litouwen te komen, vanuit België nog wel.

Schrijven over Litouws bier

VilniusNu heb ik zelf de voorbije jaren ook niet helemaal stil gezeten. Zo blogde ik enthousiast over mijn Litouwse bierreis en ook op Wikipedia deed ik mijn best om mensen te informeren over bier in Litouwen. Met enige regelmaat ben ik in allerlei discussies over goed bier blijven herhalen dat mensen echt ‘ns naar Litouwen moesten. Verderlezen…

’n Fijn klein festival in Oudorp

oudorpOudorp is de dorpse kant van Alkmaar. Nu is Alkmaar zelf ook al best dorps, zeker voor wie ‘r wel ‘ns ’n biertje drinkt, maar Oudorp is net even idyllischer en ook net even gemoedelijker. Dat bleek vandaag ook weer op het Oudorps bierfestival, gewoon in zaal Meereboer, gewoon achter Bar Nico (de plezierige dorpskroeg), gewoon naast de kerk en gewoon naast de Chinees – het had alles en daarom was ’t zo fijn.

Klein gehouden

De kleinschaligheid is de kracht van dit festival en daar is de organisatie zuinig op. De locatie is bescheiden: een groot vierkant met ’n muurtje halverwege, een bar in de hoek (meteen ook spoelpunt) en toiletten bij de ingang. Voor het gevoel namen de kraampjes van de brouwers eigenlijk net zo veel ruimte in als er voor de bezoekers over was. ’n Mooi evenwicht. Het publiek was nooit boventallig, we konden mekaar verstaan (ook in het West-Fries); gevarieerd was het wel, van jong tot oud, van man tot vrouw, van joôn tot moid.

Oudorps bier

Bierstad Alkmaar zegeviert, maar minimaal in Oudorp. Natuurlijk, er is wel ‘ns Zeglis bij Bar Nico en de Spar heeft allerlei lokale biertjes; De Die heeft z’n postadres in de Oudorperpolder, wat zeg ik, ze zijn bijna mijn buren. Maar alleen De Vis heeft ook z’n brouwerij in ’t dorp. Zij hebben ’n bescheiden installatie staan op het Oudorper bedrijventerrein. Voor mij waren ze de verrassing van het festival, al was het maar omdat ze in het Alkmaarse bierdorp nog niet zo bekend zijn. Verderlezen…

Kiezen voor Duits bier

Vandaag zijn er verkiezingen in Duitsland. Hoewel er geen grote verschuivingen worden verwacht, hebben die verkiezingen toch al iets opgeleverd, namelijk dat er op tv meer aandacht is voor de Duitse cultuur. Helaas blijven programmamakers daarbij wel wat in clichés hangen, maar dat is nu eenmaal hoe het gaat in Hilversum. Gelukkig zijn er blogs. Hier, op mijn bierblog, zou ik ’n lans willen breken voor Duits bier.

De Duitse biercultuur

duits-bierOm nog maar even met het cliché te beginnen: Duits bier, dat is pils, in literpullen of in halve liters, met braadworsten erbij, gedronken door lieden met snorretjes en gekke petjes. Dat is zo ongeveer wat de televisie ons voorzet als het over Duitsers en bier gaat. Grote hoeveelheden, vooral, alsof het daar alleen om kwantiteit gaat. Dat is niet zo. Duitsers hebben in de regel juist veel oog voor de kwaliteit van hun bier en ze weten ook dat er, zelfs als ze zich beperken tot ondergistend blond bier, meer te proeven is dan pils.

Die laatste zin gaat veel Nederlanders het al dan niet gekke petje te boven, blijkbaar, want men heeft het hier, in navolging van de Angelsaksen, in toenemende mate over “lager”, terwijl wat wij meestal pils noemen ook maar ’n schim van het origineel is. De Duitser heeft z’n Helles (’n licht, blond bier van ondergisting), maar ook z’n Kellerbier, technisch gezien datzelfde bier maar dan nog niet droog uitvergist, troebeler en gelaagder. Er is Märzen en Bock, wat voller en hoger in de alcohol. Je kunt in deze ondergisters meer mout proeven dan alleen pilsmout, er zijn vele verschillende hopsoorten, er zijn verschillen in de rijping – er is een hele wereld te proeven en dat allemaal binnen één stijl die hier zo plat als “lager” weg wordt gezet.

En dan is er nog bovengistend bier, meestal Weizenbier, in het westen vaak ook Alt (zeker niet alleen in Düsseldorf!). Keulen heeft z’n Kölsch, ’n blonde bovengister. Er is de Gose uit Leipzig en Goslar: friszuur bier met zout en koriander. Hoofdstad Berlijn heeft met de Belgische hoofdstad z’n zure stadsbier gemeen (maar ook de gulheid met zoetigheden om dat zure te bederven). Als we ’t over regionale variatie gaan hebben, kunnen we met ondergisters ook nog wel even doorgaan: de Schwarzbiere uit het oosten, de rookbieren uit Bamberg en omgeving, het exportbier uit Dortmund, de opvallend hoppige pilsbieren uit het noorden… Duitsland leent zich als geen ander land voor bierreizen en ik heb er dan ook verschillende ondernomen. Verderlezen…

Bierrecensie: Rampzalig (Vlielands bier)

vlielands-bier

Het Texelse veerpontje naar Vlieland

Omdat ik zo van de Wadden houd, wordt mij wel ‘ns Waddenbier geschonken. Dat kan Texels bier zijn, maar als ’t meezit is het iets onbekends van één van de andere eilanden. Ik proef natuurlijk graag nieuwe dingen. Onlangs werd mij ’n flesje Vlielands bier bezorgd, met de weinig bemoedigende naam Rampzalig – dat kon alleen maar meevallen en dat deed het dan ook.

Wie brouwt Rampzalig?

Het etiket was niet direct geruststellender dan de naam. Het is mij niet helemaal duidelijk welke brouwerij ik aan dit bier moet verbinden. Het is gebrouwen bij de Naeckte Brouwers, dat stond er eerlijk op, en het adres wat vermeld werd moet ook dat van de Naeckte zijn (hoewel de postcode niet klopte). Een huurbrouwsel, maar hoe heet de huurder dan? Hun namen staan óók op het etiket: Henriëtte Waal en Bojan Bajic. Informatief – maar hoe heet nu hun brouwerij? Die noteerde ik dan maar als “naamloos”. Wat ook wel prettig mystiek is, natuurlijk, dat past vast bij ’t Wad.

Indrukken van ’n Vlielands bier

Hoewel het Vlielandse bier zichzelf dus liet ontmaskeren als ’n brouwsel uit Amstelveen, heb ik ’t toch geproefd als was het echt Vlielands. Dat kon ook best, want er was iets Waddenachtigs aan. Dat zat al in de geur: die was wat ijzerachtig, hard, met op de achtergrond dan, haast honigzoet, de weldadige moutigheid van ’t eigenlijke bier. Het Texelse water is ijzerachtig, dat is bekend (het maakt het goed houdbaar en dus was het erg geschikt voor de VOC-schepen, die het insloegen aan Oudeschild); het Vlielandse water kan dat ook wel wezen, dat zou de geur verklaren. Verderlezen…

Proeverij: Scandinavische bieren in Alkmaar

Daags voor de kermis was er in Alkmaar nog ‘ns ’n bierproeverij, en die woonde ik bij. Het thema, Scandinavische bieren, was voor mij reden genoeg er heen te willen, want ik houd van het reizen om bier, ook als ik daarvoor niet echt op reis raak – het proeven van andere landen en andere bierculturen is een tijdverdrijf op zich. De proeverij vond plaats bij het Koffiehuis, aan de Gedempte Nieuwesloot, daar waar gisteren de kermis al klaarstond, zwijgend en nog zonder lichtjes. Om acht uur stapte ik er binnen.

Zeglis en Scandinavië

Alkmaar veinst geen Vikingverleden en ook anderszins ligt een Scandinavisch thema in de kaasstad weinig voor de hand. Toch is er een link en die link hangt weer direct samen met brouwerij Zeglis, waarover het op dit blog al vaker is gegaan. De brouwer van Zeglis, Tim de Goede, is namelijk scandinavist, in de brede zin des woords: als taalkundige leerde hij niet alleen de talen van Denemarken, Zweden en Noorwegen, hij is ook in staat de meest buitenissige dialectverschillen tussen de Noorse bergdorpjes op te sommen, een kunstje waar ik natuurlijk niet ongevoelig voor ben. Tim reisde veel in de verschillende Scandinavische landen en is ook meer dan vertrouwd met de bieren daar. Het was dan ook vanzelfsprekend dat deze Alkmaarse brouwer de avond zou leiden, al was het maar om passende nazorg te kunnen bieden aan proevers die struikelden over de namen van de bieren.

Onbekend Scandinavisch bier

scandinavisch-bier-traditieScandinavisch bier is in Nederland redelijk verkrijgbaar. Het Deense Mikkeller is haast net zo klassiek als De Molen, Struise of Flying Dog, en niet ten onrechte, want Mikkeler heeft prachtige recepten en bovendien hebben zij veel gedaan voor de bierrevolutie in het Hoge Noorden, door samen te werken met andere brouwers (bv. Lervig, ook geen onbekende meer). Tim hielp ons evenwel snel uit de droom: vanavond geen Mikkeler en ook geen Omnipollo of Närke uit Zweden, geen Amager en geen Haandbryggeriet – onbekender bier had de voorkeur. Onbekende landen ook: we zouden bieren uit IJsland, Finland en de Faeröer proeven. En was er nu wel of niet iets Nederlands bij? ’n Bierreis zou ’t in ieder geval worden.

Verderlezen…

Bier in Alkmaar: Leffe op ’n foodtruckfestival

Copy of ALKK6X11 028Alkmaar is hip tegenwoordig. Je zou zeggen, terecht, want het bier in Alkmaar is weer best. Brouwerijen en biercafés te over. De kaasstad wordt zelfs, aan de lopende band welhaast, verblijd met foodtruckfestivals. ’n Plezierig genre festivals, waar je allerlei zaken kunt proeven, malle hippe dingen en plezierig traditionele happen. En bier. Uiteraard. Bij ’n hip festival hoort bier en dus hoort ’t ook bij foodtruckfestivals.

Leffe

Ik kan er ’n raadspel van maken, maar de titel van dit blogje gaf ’t al weg: op dit Alkmaarse foodtruckfestival werd Leffe geschonken. Dat was daar het speciaalbier. Er stond ’n versierd kraampje voor, met Leffe-taps. Klaar. Leffe dus.

Daar kun je als Alkmaarder verbolgen over zijn: waarom geen 1573, geen Zeglis, geen De Die? Dat zijn terechte, al dan niet chauvinistische vragen en ik weet ook dat het aan die brouwerijen zélf niet gelegen heeft. Maar ik wil het wel breder trekken: hier moet je als bierliefhebber verbolgen over zijn, als liefhebber in het algeméén moet je hier verbolgen over zijn. Verderlezen…

Bier in de supermarkt

Nog maar enkele jaren geleden was één van de zekerheden in het leven van de bierliefhebber dat je voor bijzonder bier niet in de supermarkt moest wezen. Daarvoor ging je naar de slijter of, als je stad al zover was, naar de gespecialiseerde bierwinkel. Bier in de supermarkt, dat was pils en witbier, bij uitbreiding nog wel ‘ns Skuumkoppe en Westmalle. De supermarkt had nu eenmaal alleen de grote namen staan.

In buurland België was dat vanouds al anders. Toen ik voor het eerst, net na mijn verhuis naar Leuven, de Delhaize-om-de-hoek bezocht, kon ik mijn opwinding nauwelijks verbergen. “Ja, dat is veel hè,” lachte een oud dametje me toe. Of uit, want tja, Holland was toen nog wel ’n beetje belachelijk als ’t op bier aankwam.

Bierrevolutie in de supermarkt

Inmiddels is de bierrevolutie ook in de Nederlandse supermarkten voltrokken. Veel aandacht is gegaan naar Albert Heijn, sowieso de favoriete grootgrutter van de Nederlandse media. De Appie zette de grote stap dan ook in één keer overal, heel Nederland ging aan het speciaalbier, met speciale brouwerijen per regio, want bier is natuurlijk streekproduct. Bier&Co dacht hardop mee. Andere supermarkten moesten nu wel volgen – als ze de trend niet stiekem al gezet hadden, want franchisers waren eigenlijk al veel eerder bierrevolutionair. Verderlezen…

De Kleine Deugniet heropend

’t Vorig weekend dichtte ik op de lege vaten van De Kleine Deugniet. Dit Alkmaarse biercafé stond op ’t punt van verhuizen en daarom ging ’t wat dagen dicht. Gisteren heropende De Kleine Deugniet op de nieuwe locatie: Gedempte Nieuwesloot 117.

Alkmaarse bierhistorie

Alkmaar is ’n oude stad met veel biergeschiedenis. De Kleine Deugniet is daar maar ’n klein stukje van, ’n bladzijde aan het einde van het nog ongeschreven bierboek – maar toch is de rol van dit café in de tegenwoordige Alkmaarse biercultuur niet bescheiden. In 2012 werd het opgericht door Remco Voskuyl, die toen nog maar net terug was uit België, waar hij al de nodige ervaring had opgedaan met Belgisch bier. Dat was dan ook het thema van zijn nieuwe café: Belgisch bier.

2012 is niet eens lang geleden, maar toch ’n andere tijd wat bier betreft. Nederlands speciaalbier was toen net aan een voorzichtige opmars bezig, de kwaliteit was er al wel, de bekendheid bij het grote publiek nog niet. Ik was in die tijd, ook op mijn blog, een actief pleitbezorger van Nederlands bier en zodoende eigenlijk ’n beetje teleurgesteld: een Belgisch biercafé, moest dat nou? Verderlezen…

Wat hier staat, is van Marcel Plaatsman - van mij dus. Ik heb het geschreven, anders stond 't hier niet.