Auteur Marcel

1
Luxemburg, stad in drieën
2
Bier in Portugal
3
Bier in Polen, Slowakije & Tsjechië
4
Bier in Boedapest
5
Bier in Litouwen
6
Duitse humor
7
Meestnieuwnederlands (5)
8
Macedonisch Skopje
9
Meestnieuwnederlands (4)
10
Meestnieuwnederlands (3)

Luxemburg, stad in drieën

Vorig weekend was ik in Luxemburg, één nacht maar, nauwelijks twee dagen. Ik was er ook niet voor het eerst, het was geen eerste kennismaking die te vluchtig was. Als terugkeren voelde het toch ook niet, daarvoor ken ik Luxemburg niet goed genoeg, al heb ik toch nog geprobeerd oude herinneringen na te reizen, wat maar een beetje lukte. Goed, ik was er, daar gaat het toch maar om.

Luxemburg is een land en vooral ook een stad; naar die stad is het land genoemd. “Kleine burcht” heette die stad eigenlijk, we hadden haar in het Nederlands nog wel Luttelburg kunnen noemen, en als het een dorp in Groningen was geweest Lutjeborg. Hoe het precies Luxemburg geworden is wil ik liever niet weten, daar moet veel verwarring en slechte uitspraak aan vooraf zijn gegaan en daar ben ik gevoelig voor.

Foto’s van Luxemburg

  • Luxemburgs

Verderlezen…

Bier in Portugal

Bier in PortugalEind januari zat ik nog lekker in Portugal, in Lissabon. Wat daar winter heet voelde als lente. Het was warm, zonnig tussen de buien door, mooi en zeker ook gezellig. Mijn vriendin en ik hadden er voor wat dagen zelfs ’n stamcafé, Marcelino Pão e Vinho, en daar aten we inderdaad brood en we dronken er wijn. We kregen er de heerlijkste worsten en kazen bij te eten: gerookt, gerijpt, gekruid of een combinatie van die drie, en bijna leek het alsof al die smaken ook in de olijven en de wijn terugkwamen. Je zou denken, wie verlangt er dan nog naar bier, in een wijnland is het leven met wijn toch ook goed?

Toch kwamen we op de eerste avond, in hetzelfde barretje, al een bierliefhebber tegen. Het was een Australiër met een Nederlandse vader en een baantje bij een biercafé in Engeland, op wereldreis door Portugal, nu al wat dagen gestrand in ons deel van Lissabon. Hij was met de huiswijn best tevreden, maar zag geïnteresseerd toe hoe wij bijzondere flessen Alentejo en Douro open lieten maken en toen ging het al gauw echt over bier. In Lissabon was er niet veel te vinden, gaf hij toe, maar bij Marcelino hadden ze wel een stout op fles en die moesten we dan toch ‘ns proeven.

Verderlezen…

Bier in Polen, Slowakije & Tsjechië

Bier in PolenAl anderhalve week ben ik terug van vakantie. Daar heb ik nog altijd niets over verteld. Soms lijkt het wel alsof terugdenken al te veel tijd kost. Ik heb m’n foto’s nog niet eens bewerkt. Mijn lijst met bierrecensies is nog niet op Ratebeer gezet. Misschien moet ik dat ook maar niet meer doen.

De vakantie begon in Warschau. In Warschau was ik al eerder geweest, eind 2011. Toen was het kersttijd. De stad was koud, maar er kwam ’n mooi zonnetje door de wolken heen en ik zag, dat ik er wel van kon houden. Bij Warschau moet je dat altijd uitleggen. Weinig Europese hoofdsteden hebben zo’n gaaf historisch centrum, maar ja, dat van Warschau is dan ook herbouwd. Die geschiedenis hè. Het moet er altijd over gaan.

Dat Polen ook een toekomst heeft blijkt uit het bier. Verderlezen…

Bier in Boedapest

BoedapestBoedapest is de hoofdstad van een echt wijnland. Wat zoekt een bierliefhebber daar? Tot voor enkele jaren viel er in de elegante Hongaarse hoofdstad nauwelijks goed speciaalbier te drinken, tenzij het van over de grens kwam. Maar die tijd is gelukkig voorbij. De laatste paar jaar is Boedapest een echte bierbestemming geworden. Dat ervoer ik de afgelopen week, toen ik er was.

“Bierrevolutie”, dat woord hoor je in Nederland ook wel eens vallen. Hipper: craft beer revolution. Kleine brouwerijen zijn in opkomst, uitgesproken smaken mogen weer, nieuwe invloeden komen van over de plas en niet meer uit gevestigde bierlanden als België. Het is een revolutie die zich in Nederland ook voltrokken heeft, vooral in Amsterdam trouwens, de provincie volgt voorzichtigjes.

Wat we in Nederland wel eens vergeten is dat die bierrevolutie in heel Europa aan de gang is. Verderlezen…

Bier in Litouwen

VilniusVerleden weekend bezocht ik Vilnius. Dat is een heel plezierige stad. Er hangt een ontspannen, open sfeer, iets van opluchting haast. De geschiedenis is hier eindelijk geschiedenis geworden, de panden zijn opgeknapt, de tradities gecanoniseerd. Eindelijk vrij, eindelijk zelfstandig. Hopelijk lukt het de Litouwers die aangename sfeer nog lang vast te houden.

In Vilnius kun je eindeloos kerken bekijken, wat ik graag doe, maar je kunt er ook eindeloos biertjes proeven en daar ben ik natuurlijk ook niet vies van. Litouwen heeft, zo ontdekte ik, een bloeiende biercultuur. De Litouwers zijn trots op hun traditionele bieren. Westers importpils domineert hier niet de markt, eigen onafhankelijke brouwers weten zich goddank te handhaven. In Litouwen domineert zelfs niet één stijl. Hoe kan zo’n rijke biercultuur zo ontzettend onbekend zijn in het westen?

Litouws bier heeft een eigen karakter. Mout mag je hier nog proeven, dat is fijn. Haast alle bieren die ik dronk hadden een volle, moutige, broodachtige smaak. Dat past bij de Litouwse cultuur, waarin brood heilig is. Brood mag in Litouwen zelfs niet omgekeerd liggen, als het op de grond valt moet je ’t kussen… Verderlezen…

Duitse humor

“Es is nicht zu Viel gesagt, wenn man behaubtet, in eben dem Grad, wie unser Jahrhundert alle vorigen an Aufklärung übertrift, übertreffe Deutschland alle übrigen Nationen daran.” Jawel, er is weer aandacht voor Duitsland op deze webstek, ’t zal eens niet. “De Duitsers overtreffen alle andere volken als ’t op Verlichting aankomt,” dat zou niet te veel gezegd zijn, vond ene Wilhelm Ludwig Wekhrlin in 1785.

Ik zal eerlijk zijn: tot gisteren had ik nog nooit van Wilhelm Ludwig Wekhrlin gehoord. Ik denk niet dat ik me daarvoor hoef te schamen, die man is al heel lang dood en niet een talent van het statuur van Goethe of Schiller. De canon gaat aan zulke mensen voorbij. Toch is hij wel interessant, al was het maar om wat hij in 1785 allemaal over Duitsland schreef.

Wekhrlins stuk met de titel “Die Vorzüge der Teutschen” begint met een opsomming van wat het Duitse volk allemaal voor verlichts ondernomen heeft. De doodstraf afgeschaft, heksenvervolgingen aan banden gelegd, de duivel verjaagd… Maar niet alles is groots, aldus Wekhrlin, wat Duitsland ontbeert is een hoog niveau in de Schone Kunsten. Toneel, literatuur, het was allemaal maar middelmatig in Duitsland. “Unsere Musik wird nimmer originell werden,” dat staat er echt.

Verderlezen…

Meestnieuwnederlands (5)

Chinees maatwoordTaal en prestige hebben alles met elkaar te maken. Taalgebruikers zijn bereid zich uit te sloven om maar serieus te worden genomen. Mensen gebruiken de taal zoals ze kleren gebruiken: niet alleen om het praktisch nut, maar ook om de uitstraling ervan. Taal moet sjiek zijn. Studentes dragen hakjes en make-up om een reden, maar ze praten ook met een Gooise r om een reden, om dezelfde reden zelfs: hip zijn, prestigieus zijn. Kijk mij, hoor mij!

Het is aan de taal af te zien dat ze voor dit soort spelletjes wordt gebruikt. Zo heeft het Chinees bijvoorbeeld “maatwoorden”. Dat zijn woorden die in die taal nodig zijn om telwoorden aan zelfstandige naamwoorden te verbinden. In het Chinees zeg je niet “drie paard”, je zegt “drie maatwoord paard”. Zonder maatwoord is het voor een Chinees niet duidelijk dat je aan het tellen bent.

Verderlezen…

Macedonisch Skopje

SkopjeToen ik de term nationalisme voor het eerst uitgelegd kreeg, werd hij in de context van de 19e eeuw gezet. Napoleon was net weg, men verlangde ‘ns wat naar vroeger, romantiek en zo, en daar vloeide dan trots op de eigen natie uit voort. Eigenlijk klopt die volgorde niet helemaal: het gevoel bestond natuurlijk al veel langer, alleen de natiestaten waren nieuw. Waar men eerst trots was op de eigen regio – waar de gemiddelde burger toen nooit vandaan verhuisde – daar kwam er in de 19e eeuw de nationale trots bij, of zelfs voor in de plaats. Het vaderland, ineens bestond het, en iedereen deed maar alsof het altijd al had bestaan.

Als we er nu op terugkijken dan is het maar koddig, dat 19e eeuwse nationalisme. Ook Nederland, nog maar net met tegenzin los van België geraakt, had symbolen nodig. Rembrandt van Rijn werd opgepoetst: onze nationale schilder. Vondel, Hooft en Bredero, die mochten we nooit vergeten. Er kwamen straten en parken en op de pleinen werden standbeelden neergepoot. Er werden liederen geschreven, samen zongen we voor het nieuwe vaderland. Maar verder viel het nogal mee in Nederland, de pompeuze monumenten die in Brussel werden gebouwd waren nog veel nationalistischer. Een jubelpark met een triomfboog, een gigantisch justitiepaleis, zuilen, lanen, beelden: alles voor het Belgisch vaderland. Verderlezen…

Meestnieuwnederlands (4)

Het Meestnieuwnederlands grijpt om zich heen. Overal op tv en in het echt hoor je nu mensen “meest leuke” en “meest nieuwe” zeggen. Dat klinkt heel lelijk, natuurlijk, maar mijn oren zijn ouderwets. De toekomst is aan hen die de fout niet horen. Uitgesproken Meestnieuwnederlands.

Veel toekomstvoorspellingen over onze taal gaan over uitspraak. Met de r loopt het helemaal mis, dat kun je overal lezen. De Gooise r is al decennia in opkomst en wordt steeds gewoner. Vooral meisjes hebben ‘m haast allemaal. Als ik een Hollands meisje zonder Gooise r hoor, ben ik zelfs verrast. Er gaat meteen iets aantrekkelijks van uit: ongeschonden, de laatste van haar generatie… Haar nageslacht gaat hoe dan ook voor de bijl.

Verderlezen…

Meestnieuwnederlands (3)

AnglicismeAls ’t in de krant of in de kroeg over de toekomst van het Nederlands gaat, dan gaat het al snel over het Engels. “Joh, over 100 jaar praten we allemaal Engels,” hoor je dan zeggen. Hoe kan ’n kleine taal als het Nederlands zich immers staande houden in een wereld die alleen maar Engels spreekt?

Mijn eerste reactie op dat donkere toekomstbeeld is altijd de ontkenning: zo’n vaart zal het echt niet lopen. Het Nederlands is ook lang niet zo’n kleine taal, met zoveel sprekers in Nederland en Vlaanderen, en omdat die sprekers rijk en relatief invloedrijk zijn is het Nederlands ook geen onbelangrijke taal. Op internet is het Nederlands één van de meestgebruikte talen. Natuurlijk wordt er nog veel meer Engels gesproken, maar het Nederlands lijkt daar niet onder te zuchten.

En tja, dat Engels, is dat wel zo alomtegenwoordig? In het huidige Europa kom je met die taal eigenlijk alleen ver in de “Germaanse” landen. In Italië, Turkije of Polen kun je ’t wel vergeten, veel meer dan wat brak Toeristenengels komt er niet uit de gemiddelde passant. Zal dat veranderen? Misschien. Maar toch niet binnen 100 jaar, denk ik.

Zo ontken ik de verengelsing. Verderlezen…

Wat hier staat, is van Marcel Plaatsman - van mij dus. Ik heb het geschreven, anders stond 't hier niet.