Categorie Reizen

1
Bier in Den Helder
2
Tilburg en ’t theater
3
Hoornse horeca in de lente
4
Thuin in zwart-wit
5
De kern van Dieren
6
De diepe meren van Metz
7
Oudorp tijdens de kermis
8
Het eiland Eierland
9
Van Muiden naar Weesp
10
Een eigen gids voor Texel

Bier in Den Helder

den-helder-beatrixstraatIk ken eigenlijk geen andere stad in Nederland waar zoveel vooroordelen over bestaan als over Den Helder. Het jammere is dat die vooroordelen meestal ook precies dezelfde zijn, het komt steeds op dat zelfde belegen grapje over ergens dood gevonden willen worden neer, en dat grapje wordt dan ook nog ‘ns gebracht alsof de bevooroordeelde dat grapje zélf bedacht heeft. Nee, ’t is geen pretje om over Den Helder te spreken. Maar in de veilige monoloogvorm van dit blog wil ik ’t ‘r nog wel ‘ns op wagen, en wel, omdat Den Helder dit weekend even de bierhoofdstad van Noord-Holland is. Dat heeft alles te maken met het KeyKeg International Beer Festival.

Bierstad Den Helder

Den Helder is normaal geen bierhoofdstad, maar toch wel ’n beetje ’n bierstad. De wild gegiste experimenten van Tommie Sjef gaan heel de wereld over, maar komen oorspronkelijk uit ’n boetje in Den Helder. Verder is er de Stadsbrouwerij Helderse Jongens, gevestigd in ’n prachtig oud fort, ’n locatie waar menig Noord-Hollandse brouwer jaloers op is. Ook wordt er in Den Helder, in gehuurde ketels in dat fort, ’n broodbier gebrouwen, op basis van in de stad gebakken brood van bakkerij Dunselman. Drie verschillende benaderingen van bier, da’s niet slecht voor ’n klein stadje als Den Helder.

En er zijn dus KeyKegs. Een industrieel product uit Den Helder. KeyKegs zijn plastic biervaten waarin ’n aluminium zak zit met bier, ’n zak die door koolzuur wordt leeggeknepen. Je vindt ze over de hele wereld, en niet ten onrechte, want dit is ’n geweldige uitvinding. Zelfs de kritische Engelsen zijn om: real ale mag uit KeyKegs stromen, want het bier raakt het koolzuur niet, het bier blijft puur en daar is het die Engelsen om te doen. Bierinnovatie dus, opnieuw niet gek voor zo’n klein stadje.

Klein stadje aan zee

Ik noem Den Helder nu al tweemaal ’n klein stadje. Dat is ’t natuurlijk ook, maar zelfs die beschrijving conflicteert al met de vooroordelen. In de belegen grapjes wordt Den Helder altijd ’n stád genoemd, zo’n grote stad met veel problemen en hoge gebouwen en grijze straten – die vooroordelen dus. Den Helder oogt ook wel grootstedelijker dan Schagen of Bergen, dat is waar. Maar toch: het is ’n klein stadje aan zee, met kleine huisjes en smalle straatjes, met grachtjes en pleintjes, met hofjes en kerkjes… Kijk toch ‘ns om die vooroordelen heen, Den Helder is prachtig! Verderlezen…

Tilburg en ’t theater

Gisteren was ik in Tilburg. Ik was daar niet voor het eerst, ik ben al vaker in Tilburg geweest, maar altijd was ik daar om iets anders dan om Tilburg zelf. Dat lijkt het lot van Tilburg. Ook gisteren was ik er om een andere reden, om een concert dat eigenlijk in Amsterdam had moeten zijn, maar was verplaatst naar theater 013 – een concert van de Amerikaanse band Dream Theater. Om Tilburg toch ’n beetje eer aan te doen nam ik ’s middags al de trein en wandelde ik door de stad.

Tilburg voor Koningsdag

Eenmaal aangekomen bleek al gauw dat Tilburg, ondanks dat lot, in afwachting is van hoog bezoek. Op Koningsdag komt ons staatshoofd naar de stad van Willem II. Daar had ik eerlijk gezegd geen idee van, zo intensief volg ik de gangen van ons staatshoofd niet, maar in Tilburg merkte ik ’t gelijk aan alles. Er stond een reuzenrad aan het station en bij het stadhuis, het oude paleisje, was een nostalgische kermis met een kleiner reuzenrad, van het soort dat mijn oma een karimata genoemd zou hebben. En vooral: er was een verkeersinfarct gaande. Verderlezen…

Hoornse horeca in de lente

HoornVandaag begon de lente en dat ging ik zien in Hoorn. Die stad ligt niet ver van mijn woonplaats Alkmaar, maar ik reisde vanochtend wel om, met de bus door de Beemster en daarna met de trein van Purmerend, door het schitterende landschap van Zeevang. Eén moment zag ik rechts, over de dijk en over het water, al de koepels en torens van Hoorn. Alles glinsterde.

Koffie en de krant

In Hoorn zou ik de komst van ’n vriend afwachten, die in de buurt moest werken en rond de middag klaar zou zijn. Ik had er ’n goed uur de tijd voor en slenterde wat over het droge van de Gedempte Turfhaven, door smalle winkelstraatjes, tot een antiquariaat dat dicht was. Ik had onthouden dat het er was, maar niet de openingstijden opgezocht. Dan maar naar Stumpel, de boekwinkel met níeuwe boeken. Daar trof ik koffie en de krant, de boekwinkel had een cafeetje met uitzicht op de straat. Twee oude heren koutten met de serveerster over verliefde theeglazen. Theeglazen die elkaar later beminden in de gootsteen.

Over straten uitkijken doe ik graag, dus ik zette mij voor het raam. Mijn ogen gleden van de krant naar mijn koffie en dan naar buiten, waar de winkelstraat op dinsdag stond. Oudere dames in hun eentje, een enkele kinderwagen, een man met een pakketje. Het was niet druk, ook in mijn venster niet. Als er iemand passeerde dan keek die mij aan. Maar het licht was mooi en de wolken waren zo hoog, ik zag ze boven de lijstgevels van de winkelpanden. Verderlezen…

Thuin in zwart-wit

Precies een week geleden was ik in Thuin. Het miezerde, het licht kwam in natte vlagen naar beneden. Toch was Thuin opmerkelijk fotogeniek.

Thuin is een kleine Waalse stad, onder de rook van Charleroi. Vanuit Charleroi – wat trouwens ook een fotogenieke stad is, met een alleraardigst centrum – ben je er met de trein in een kwartiertje. Dat tochtje is wel wat eigenaardig, het voert eerst langs de grove industrie waar deze regio bekend om staat, en dan, na een kort bochtje, rijdt de trein ineens door prachtige heuvellandschappen, met beboste hellingen en lieflijke dorpjes langs de stroom, en langs een abdijruïne zelfs… België blijft boeien met contrasten.

Thuin fotografeerde ik in zwart-wit, wat natuurlijk met dat miezerweer te maken had. Ik zou er nog best ‘ns willen terugkomen voor een serie in de zon. Ach, en anders voor nóg één in zwart-wit, want in dit kleine stadje kun je wel eindeloos fotograferen, of tekenen zelfs. Thuin is vol mooie hoekjes en verrassende doorkijkjes.

1.

De trein komt aan in het dal, waar de benedenstad is. Meteen zie je de bovenstad, die hoog boven het dal uittorent en ook ouder is, al zitten er in de benedenstad nu meer winkels. Het belfort is het symbool van Thuin.

2.
Verderlezen…

De kern van Dieren

De trein bracht me vrijdag in Dieren. Dieren is, voor wie dat nog niet weet, een plaats in Gelderland, gelegen tussen Arnhem en Zutphen, aan de IJssel nabij Doesburg. Dieren is vooral bekend om de fietsen van Gazelle, die hier worden gemaakt, en aan die fabriek heeft het ook zijn groei te danken, maar er is een oude kern. Ik kwam voor die oude kern, uiteraard: bezoekers van een dorp of stad willen de oude kern zien en als die er niet is zijn ze toch teleurgesteld. Hoewel ik niet meteen teleurgesteld raak van een nieuwe kern, zoek ik, zoals gisteren in Dieren, toch altijd eerst de oude op.

Horden in Dieren

Naar Dieren kwam ik niet geheel onvoorbereid: ik had in de trein al opgezocht dat de oude kern ten zuidoosten van het station lag. Eenmaal op station Dieren wilde ik dan ook die kant op, maar tot m’n verbazing dwong het tunneltje me naar het westen: er was helemaal geen uitgang aan de kant van de oude kern. Het bleek niet het enige obstakel tijdens mijn tocht door Dieren.

Meteen buiten het station, aan het einde van de trap omhoog, stond een informatiebord dat me toch enig in zijn soort lijkt: de tekst verhaalde wel over het oude Dieren met zijn hof, maar de plattegrond die gegeven werd liet een gehavend Dieren zien, zónder zuidoosten. Alleen het nieuwe centrum in het noordwesten van Dieren was te zien. Hoe ik, om het station heen, alsnog de oude kern bereiken kon, viel aan de kaart niet op te maken. Verderlezen…

De diepe meren van Metz

Les Lacs du Connemara galmde over het plein dat naar Sint-Jacob was vernoemd. De stem was die van het meisje dat het lied eerder die middag al had ingezet in een café, dat ook al naar Sint-Jacob was genoemd. Heel Frans zag ze eruit, met donker haar, een scherp gezicht en een lange modieuze jas aan. Ongelooflijk dronken was ze ook, een whisky zou niemand haar nog gegeven hebben, en in het café waren haar zangkunsten niet enthousiast onthaald. Wilde ze hier vandaan?

Hier was Metz, daar was ik deze middag. Ik was er niet voor haar en ook niet voor café Saint-Jacques, waarover verder best aardige dingen te vertellen zijn, zoals dat ze er normaal gesproken een stout tappen maar net niet vandaag, en dat er een hele cd van de Spice Girls gedraaid werd voor het meisje met Les Lacs du Connemara begon. Ik was in Metz omdat ik Metz nog niet eerder had gezien, terwijl ik goede dingen had gelezen over de kathedraal en het Teutoonse station. Verderlezen…

Oudorp tijdens de kermis

Oudorp is mijn woonplaats. Het is een deel van Alkmaar en toch ook weer niet. Oudop heeft een eigen horizon, met twee kerktorens en de rijzende driehoeken van stolpboerderijen. Net als Alkmaar is Oudorp gebouwd op oud zand, een strandwal heet zoiets, hoge grond in een land dat verder laag en nat is. De directe omgeving van Oudorp is nog altijd nat, laag, vlak, een polderland waar nu flats en leegte elkaar afwisselen. Voor ’n wandeling is Oudorp een fraai decor.

1.

Oudorp benader je via het polderland. De trein brengt je er: van station Alkmaar Noord vandaan loop je er zo in. In de verte dagen de flats. Dichter vallen je de rode daken van de dorpsschool op.

2.

3.

Verderlezen…

Het eiland Eierland

Het noorden van het eiland Texel was ooit een eiland op zichzelf, Eierland. Eierland raakte na de middeleeuwen met Texel verbonden door een zanddijk en inmiddels zijn er grote, weidse polders tussen het oude Texel en het noordereiland. De geschiedenis had anders kunnen lopen, natuurlijk, dan was Eierland misschien nog wel een apart eilandje geweest, minstens zo geïsoleerd als Vlieland, met dan één dorp waar nu De Cocksdorp ligt, wat poldertjes langs de westkust en verder veel duin. De bekende rode vuurtoren stond dan op ansichtkaarten met daaronder Groeten van Eierland

Die verbeelding heb ik willen volgen toen ik verleden week een wandeling maakte over Eierland. Een extra eiland, tussen Texel en Vlieland in, nog plezierig rustig – zij het met wat wisselvallig weer. Dit fotoverslag is de uitwerking van die gedachte. Welkom op Eierland!

1.

De waddenkust van Eierland lijkt op die van Texel (deze eerste foto’s zijn dan ook stiekem nog bij Oost gemaakt). De Eierlanders vangen paling en andere vis.

2.

3.

4.

Langs de waddendijk is ruimte voor natuur en voor vergezichten. Bij helder weer kun je Vlieland goed zien liggen. Altijd is er de vuurtoren.

5.

6.

Verderlezen…

Van Muiden naar Weesp

Gisteren was een goede dag voor een wandeling. Met de bus hebben mijn vriendin en ik ons naar Muiden laten brengen en van Muiden wandelden we langs de vriendelijke Vecht naar Weesp. Muiden trekt veel bekijks met z’n fraaie middeleeuwse slot, maar als stadsgezicht is Weesp eigenlijk aardiger. De foto’s hieronder zijn meteen maar het afscheid van mijn cameraatje, denk ik, er moet maar ‘ns ’n opvolger komen na al die jaren.

1.

Muiden ligt aan zee, dat wil zeggen, het plaatsje ligt aan de voormalige Zuiderzee. Hier mondde de Vecht uit in het brakke water, zoals de Amstel iets verderop in het IJ uitmondde. Amsterdam en Muiden hebben een vergelijkbare onstaansgeschiedenis, maar omdat Muiden op de grens van de Utrechtse en Hollandse macht ontstond, kon het nooit veel worden. Militair was het wel van belang, de monding van de Vecht werd eerst met het Muiderslot en later met forten verdedigd.

2.

3.

De rivierdijkjes werden de straten van Muiden, met aan één kant, net als bij de Amsterdamse Warmoesstraat, huizen met hun achterkant naar de rivier toe, en aan de andere kant een kade. Verderlezen…

Een eigen gids voor Texel

TexelOver Texel kan ik wel blíjven schrijven. Het eiland van mijn familie gaat me blijkbaar zo aan het hart dat op de ene zin bijna automatisch een andere volgt, hele hoofdstukken kan ik zo bij elkaar tikken en als ik, immers tekstschrijver van beroep, daar nou vaak de opdracht toe zou krijgen zou ik dat ook doen. Maar goed, dat gebeurt me dus niet zo vaak, dat is toch een klein beetje jammer (al zijn genoeg andere onderwerpen óók best leuk).

Tips voor Texel

Maar onlangs dus overkwam het geluk me, mij werd gevraagd wat tips voor Texel op papier te zetten, ditmaal door mijn schoonfamilie, die helemaal niet van Texel komt, maar uit België. Ach, een lijstje met wat tips, een luchtig kaartje – zó was het gebeurd en met hen mee verheugde ik me op hun kennismaking met Texel, want Texel is toch mooi, zeker ook voor Belgen voor wie het eiland, dat stel ik mij zo voor, weer net iets exotischer is dan voor Nederlanders.

Maar tips voor Texel zijn nog geen gids. Toen ik die tips opschreef bedacht ik, dat ik mezelf toch méér plezier zou doen door een hele gids te schrijven. Een gids die dan in ieder geval door vrienden, kennissen en schoonfamilie kan worden gebruikt, maar ook door de lezers van dit blog. Een eigen gids voor iedereen. Verderlezen…

Wat hier staat, is van Marcel Plaatsman - van mij dus. Ik heb het geschreven, anders stond 't hier niet.